Medische beeldvorming
|
de praktische gang van zaken bij een onderzoek of ingreep onder verdoving. |
|
|
Medische beeldvorming dient veel onderzoeksdoelen.
Met verschillende technieken kan ons inwendige lichaam in beeld worden gebracht, vandaar de term 'endoscopie', die staat voor 'binnenin kijken'. Endoscopische onderzoeken maken een verfijnde diagnose mogelijk over de precieze oorzaak van een (vruchtbaarheids)probleem.
Bij de hysteroscopie en de laparoscopie maken we een onderscheid tussen de 'diagnostische' variant en de 'werkvariant'. In het eerste geval dient de kijktechniek enkel om een diagnose te stellen, in het tweede geval gaat het onderzoek meteen gepaard met een ingreep.
De
werkhysteroscopie en de
werklaparoscopie bespreken we onder behandelingen vrouw.
Indicaties
De vaginale echografie brengt het kleine bekken van de vrouw in beeld en is daarom het basisonderzoek van de vruchtbaarheidsbehandeling bij de vrouw. Zo wordt in elke IVF-behandeling via geregelde echografieën de ontwikkeling opgevolgd van de rijpende follikel in de eierstok. Ook het ogenblik van de eisprong kan via een echografie vastgesteld worden.
|
Echografie van tweehoornige baarmoeder |
|
Hysteroscopische behandeling van fibromen (vleesbomen) in de baarmoeder |
Maar daarnaast kunnen endoscopische onderzoeken (echografie of andere) ook bepaalde afwijkingen aan het licht brengen. Als een vrouw na enkele IVF-pogingen niet zwanger raakt, of als er specifieke indicaties zijn (bv. hevig menstrueel bloedverlies, dat met veel pijn gepaard gaat) kan een inwendig kijkonderzoek uitsluitsel geven over de oorzaak van het probleem. We noemen er enkele:
- endometriose, de woekering van baarmoederslijmvlies op plaatsen waar het niet thuishoort of in de baarmoeder zelf;
- opgezette eierstokken. De eierstokken zijn in normale omstandigheden niet zichtbaar. Als dat wel het geval is, kan dat erop wijzen dat ze abnormaal gevuld zijn met vocht of dat er sprake is van cystevorming;
- buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Soms nestelt een bevruchte eicel zich in de eileider i.p.v. in de baarmoeder en ontwikkelt zich daar verder;
- een éénhoornige of tweehoornige baarmoeder: soms gaat één eileider over in een hoorn, soms is dat met beide eileiders het geval;
- afwijkingen in de baarmoeder: fibromen (vleesbomen), poliepen, of de aanwezigheid van een tussenschot (septum), zodat je – als dat tussenschot groot is – een tweekamerige baarmoeder krijgt.
Hoewel die afwijkingen strikt genomen de bevruchting van de eicel niet tegenwerken, kunnen ze wel een negatieve rol spelen bij de innesteling van het embryo en miskramen veroorzaken.
De echografie [ambulant | Consultatie CRG, niv. +2]
|
Afgesloten, met vocht gevulde eileider. |
Een echografie – kortweg 'echo' – is een pijnloos onderzoek waarbij, door ultrahoge geluidsgolven op de organen te laten weerkaatsen, een beeld wordt verkregen van inwendige delen van het lichaam.
Voor een echografie van het kleine bekken (bij de vrouw dus) wordt daartoe een kleine echosonde in de vagina gebracht. Het beeld is te zien – en door de patiënte te volgen – op een beeldscherm.
Zie onderzoeken praktisch voor waar je wanneer terechtkan, of hoe de opvolging van het onderzoek in het kader van een IVF-behandeling geregeld is.
Hysterosalpingografie [ambulant | Radiologie UZ Brussel]
|
Hysterosalpingografie van een normale baarmoeder en eileiders |
|
Hysterosalpingografie van een zadelvormige baarmoeder. |
Bij een hysterosalpingografie volgt de camera in omgekeerde richting het traject dat normaal wordt afgelegd door de eicellen (vanuit de eierstok door de eileiders tot in de baarmoeder).
Daartoe wordt via het baarmoederhalskanaal een contrastvloeistof ingespoten, die doorloopt naar de baarmoederholte en de eileiders. Boven de onderzoekstafel hangt een camera, die het traject van de contrastvloeistof registreert. Op het beeldscherm kan je zelf volgen wat de camera ziet.
Met een hysterosalpingografie wordt een goed beeld verkregen van de baarmoederholte en kan worden bepaald of de eileiders normaal doorgankelijk zijn. Nochtans geeft het onderzoek niet altijd uitsluitsel. Bij een 'normaal' resultaat kan een salpingografie volstaan, maar van zodra er afwijkingen worden vastgesteld of er een vermoeden is van problemen in de buikholte (aan de buitenkant van de voortplantingsorganen), is er hetzij een hysteroscopie, hetzij een laparoscopie nodig om het probleem precies in kaart te brengen. Soms ook zijn beide onderzoeken aangewezen.
Een hysterosalpingografie is weinig aangenaam om te ondergaan. Toch is het een eenvoudig onderzoek met weinig risico, dat geen overmatige pijn veroorzaakt. Het verloopt dan ook zonder verdoving en ambulant. Zie
onderzoeken praktisch voor meer details.
Diagnostische hysteroscopie [ambulant | OK CRG, niv. +1]
|
Hysteroscopie van de baarmoederhals |
Met een hysteroscopie wordt het inwendige en de vorm van de baarmoeder in beeld gebracht. Het is een eenvoudig en pijnloos onderzoek, dat maar een kwartiertje duurt. Het wordt best in de eerste helft van de menstruatiecyclus uitgevoerd, ná de maandstonden en vóór de eisprong. Na de ingreep mag je onmiddellijk naar huis.
Onder plaatselijke verdoving wordt een endoscoop – een soort fijne telescoop – via de vagina door de baarmoederhals geschoven. De baarmoeder zelf wordt met fysiologisch serum verwijd, om een goed beeld te krijgen. Op het beeldscherm kan je mee volgen wat de endoscoop registreert.
Diagnostische laparoscopie [Dagopname | VPE 03]
|
Laparoscopisch zicht op een normale baarmoeder, eierstokken en eileiders. |
|
Deze methyleenblauwtest toont de door- gankelijkheid van de eileider aan. |
Een laparoscopie – ook een zuiver diagnostische – gaat altijd gepaard met een algemene verdoving.
Via een insnede in de navel wordt de endoscoop – die een diameter heeft van minder dan één centimeter – gedeeltelijk in je buikholte geschoven, om zo het uitwendige van de baarmoeder en eierstokken in beeld te brengen. Er wordt ook gas in de buikholte gebracht, tussen de voorste buikwand en de ingewanden, zodat de organen goed zichtbaar en bereikbaar worden.
Op die manier wordt bijvoorbeeld onderzocht of zich in de buikholte
endometriose voordoet of dat er verklevingen zijn ter hoogte van de eileiders.
Een laparoscopie wordt doorgaans gecombineerd met een hysteroscopie: twee onderzoeken in één, zeg maar, die tegelijk het inwendige en het uitwendige van de baarmoeder in beeld brengen.
Tuboscopie (n.a.v. een laparoscopie)
Uitzonderlijk gaat een laparoscopie gepaard met een tuboscopie, waarbij een uiterst fijn kijkapparaat tot in de eileiders wordt gebracht, om ook die aan een inwendig onderzoek te onderwerpen.